ZINGEN IN DE KERK

  

Altijd is Kortjakje ziek

Midden in de week maar 's zondags niet

's Zondags gaat zij naar de kerk

Met haar boek vol zilverwerk

Altijd is Kortjakje ziek

Midden in de week maar 's zondags niet

  

Kortjakje - het niet onbesproken figuurtje uit een kinderliedje - wist het al: zingen maakt gezond. Zingen maakt gelukkig. Zingen verbindt mensen, sluit niemand uit. Wie een liturgische viering bijwoont, hetzij een zondagsviering, hetzij een uitvaart of een sporadisch huwelijk, kent of herkent dat gevoel. Er is de dynamiek die spat uit de Poolse springdans met zijn prachtige tekst ‘Uit vuur en ijzer, zuur en zout’. Er is de hemelse vrede die psalmen als ‘De Heer is mijn Herder mij altijd nabij’ uitstralen. Er is de troost en aanvaarding die uitgaat van het Gregoriaanse ‘In Paradisum’.

 

Ook extra muros gaat men voluit voor samenzang. Willebroek zingt, Bornem zingt, Femma Heindonk zingt…14 juli, 5 augustus of 16 juni… zingen is feest!

  

Dit artikel zet vier betrokkenen op een rij: een koorlid, een koorleidster, een organist én koorleider, en een mondige niet-meezinger.

   

 

Tijd/zin om in een koortje te springen? Welkom!

   

Zingen in de kerk, zingen in een koortje, waarom doe je dat?

 

Ik heb mijn leven lang gezongen, op school, thuis, in een kerkkoor vanaf ik twaalf was… en zing nu nog met evenveel enthousiasme als toen. Ooit was mijn gezondheid er op achteruit gegaan en het zingen heeft mijn longen opnieuw opengezet. Je ademt bewuster, leeft je in in de tekst, in de melodie. Ook de repetities hebben hun nut: het samenzijn, de dankbaarheid voor de koorleiding die zoveel moeite doet opdat de kerkelijke gezangen niet verloren zouden gaan maar van generatie op generatie verder leven. Zowel hier als in de andere kerkkoren vergrijzen en verdwijnen leden, is de vraag naar aanvulling en aflossing van de wacht urgent . Het zou schitterend zijn af en toe een ‘jong’, gedreven iemand te mogen verwelkomen. Geen drempelvrees…, kom gewoon en zing mee!

 

Zingen voor mensen in de kerk, voor mensen die je totaal niet kent, het geeft een heerlijk warm gevoel. Mensen kunnen laten genieten van je stem: het talent dat je gekregen hebt niet onder de korenmaat verbergen maar het vrucht laten dragen.

 

Zingen is zen. Het brengt rust en vervult je een enorme vreugde. En dit zingen in een kerk, in een ruimte die zoveel generaties in lief en leed zag passeren,… het heeft iets wat je niet onder woorden kan brengen. Mijn leven zou er zonder dat zingen in de kerk heel anders uitzien maar veel minder diepgang hebben.

  

Bieke Tercken, koorlid 

   

Wie samen zingt, viert feest!

 

Het samen zingen van liturgische muziek, van kerkliederen zorgt voor een gemeenschapsgevoel. Door het zingen ontstaat er een gevoel van verbondenheid, van gemeenschap. Heel wat mensen vinden het zingen in de liturgie op zich een belangrijke reden om naar een viering te komen. Door het zingen van oude en nieuwe liederen, van canons, acclamaties, door vraag- en antwoordzang tussen koor en geloofsgemeenschap wordt het samen zingen levendig gehouden.

 

De maandelijkse samenzangzondag in de Sint-Niklaaskerk probeert hieraan zijn steentje bij te dragen. Het samen leren van nieuwe liederen, het samen herhalen van minder gekende en minder gebruikte liederen en acclamaties zorgt ervoor dat mensen na verloop van tijd durven meezingen, zonder schroom, zonder bang te zijn om gehoord te worden. Men voelt zich opgenomen in een groter geheel.

 

Het samen zingen van bv. het Onze Vader, Maria-liederen, liederen uit Zingt Jubilate of andere liturgische liederen maakt emoties los maar brengt ook rust en zorgt zo voor een tegengewicht voor het drukke leven van elke dag. Muziek kan troost brengen bij verdriet maar kan evenzeer grote vreugde teweegbrengen. Muziek kan ons ontroeren.

 

Door het samen zingen van liturgische muziek drukken we ons geloof uit. Mensen zingen samen om uiting te geven aan hun gelovig leven of om het leven te vieren. Sommigen vinden in het zingen van liturgische liederen een antwoord op wat geloof voor hen betekent. Samen zingen geeft stem aan wat voor velen onzegbaar is.

 

Dat samen zingen krijgt nog een andere dimensie als je dit kan doen in een koor. In groep iets creatiefs doen, elkaar ondersteunen en optillen, samen klank maken: dat doet deugd. Samen in- en uitademen en zingen op de cadans van liturgische teksten, samen je geloof uitzingen: het is een fijne ervaring! Van mooie samenzang kan een geweldige dynamiek uitgaan!!

 

Een warme oproep dus om op elke vierde zondag van de maand eens te komen ‘proeven’ van dit gemeenschapsgevoel, van het vreugdegevoel bij het samen zingen (en van het aperitief achteraf in De Twijg ;) ). In aanloop naar de kerkelijke hoogdagen repeteert ook het gelegenheidskoor op woensdagavond. Iedereen van harte welkom! En weet: wie samen zingt, die viert feest!!

 

Laten we van liefde zingen,
laten we het kwaad weerstaan,
laten we elkaar omringen
met de moed om door te gaan . . .

os Brink

 

Anne Van Ballart, koorleidster

   

Een pleidooi voor het Gregoriaans

 

De Liefde voor Muziek is voor mij ontstaan uit het beluisteren en beoefenen van het Gregoriaans. In de ruimte, de rust en in de stilte van onze mooie kerken, komt (kwam) het Gregoriaans tot bloei en dat bleef zo eeuwen lang. Het inspireerde tal van componisten, tot op de dag van vandaag, ook in de moderne muziek en in de popmuziek! Muziektherapeuten halen ongelofelijke resultaten met deze Gregoriaanse gezangen bij hun patiënten.

  

Mag ik dan ook een lans breken voor het heropbloeien van het Gregoriaans.

 

Universeel, modale toonaarden, zingbare intervallen: dit zijn elementen die een mens tot rust kunnen brengen. Rust en meditatieve momenten die ik mis in onze vieringen vandaag.

  

Johann Sebastian Bach componist, organist, is voor mij ten allen tijde hét grote voorbeeld. Zovele vocale- en orgelpartituren heeft hij ons nagelaten, die nog steeds inspirerend werken voor koren, solisten, orkesten, organisten. Zijn Mattheüs- en zijn Johannespassie, zijn Weihnachtsoratorium, H-moll-Messe, cantates, en nog zo veel meer, kunnen wij gelukkig nog beluisteren rond de hoogdagen van het Kerkelijk jaar.

 

Dat J.S.Bach bij de jaarlijkse Top Honderd Klassiek steeds bij de eerste vijf behoort, zegt alles over de onvergankelijkheid van zijn muziek.

  

Alles evolueert, ook in de liturgische vieringen, waar het accent ligt op actief meezingen en luisteren. Voor het liedboek “Zingt Jubilate” , een verzameling van liederen (oude en nieuwe) waar iedereen zich kan in vinden, is ook hier de boodschap naar de auteurs toe, om op tijd te evalueren en de kwaliteit te behouden.

 

Aan allen die begaan zijn met het opluisteren van onze Liturgische Vieringen: denk erom… Jong geleerd, is oud gedaan!

   

Met muzikale groet, Bert Peeters, organist en koorleider

 

   

To sing or not to sing?…..

   

Is dat wel een vraag waard? Zingen in de kerk ‘tot lof en eer van God’ brengt toch een samenhorigheidsgevoel teweeg! Het ondersteunt een mooie en zinvolle viering. Zeker als de liederen aansluiten bij de lezingen van de zondag, iets waar de ‘verantwoordelijken’ voor de zang uiteraard nauwlettend over waken.

 

Ja, allemaal waar en toch stel ik me geregeld die vraag, als bezitter van een potentieel mooie, diepe en warme basstem. Maar, ze is als een ruwe diamant, niet geslepen, niet gepolijst. Het is met andere woorden een stem die in een kerk niet bijdraagt tot het ‘samenhorigheidsgevoel’ dat we elke zondag nastreven.

 

In een onbewaakt moment, als het playbacken zonder klank, of het stil zitten zwijgen me teveel wordt, brom ik soms al eens een paar lijnen mee tijdens een liedje. Ik voel me dan al snel bekeken. Ik weet het, ‘t is maar een gevoel, hoor ik jullie al zeggen. Maar in een kerk, waar je in twee blokken frontaal tegenover mekaar zit, kijkt al vlug minstens één helft in jouw richting. Een situatie, waar je geen vlot opspoorbare bron van gebrom wil zijn.

 

Enfin, het doet me allemaal terugdenken aan mijn jeugd. In het eerste leerjaar. Ik zong graag en ook graag hard. De zanglessen op school waren een moment van opluchting en ik gaf me dan ook steeds voluit. Tot er op mijn rapport, op een donkerblauwe vrijdag voor het trimester einde, ergens bij de opmerkingen, onder het vak ‘zang’ – ja, dat was toen nog een vak – fijntjes de commentaar stond: “bromt te veel”. Dat was erover! Een kind met die potentieel mooie, diepe en warme basstem zo’n commentaar meegeven. Traumatiserend! De dag van vandaag zouden ze zoiets in het onderwijs zeker niet meer doen. Bestaat er trouwens nog een vak zang vandaag? Of is dat een lesuur “I tunes” beluisteren geworden?

 

De commentaar op mijn rapport deed me allicht, sinds die dag, meer en meer verstommen. Toch op het vlak van zang… Ik zing nog steeds graag en ook nog steeds graag hard. Maar ik doe het al geruime tijd vooral onder de douche of als ik alleen in de auto zit. Maar in een kerk, daar hoort dat gebrom niet thuis…. en zwijg ik liever stil tijdens de zang, genietend van de mooie stemmen, die zijn als welgeslepen en gepolijste diamanten. ‘t Is beter zo… voor de samenhorigheid!!!

  

Jan Bas, een minder muzikale kerkganger

 

Joomla! Foutopsporingsconsole

Sessie

Profielinformatie

Geheugengebruik

Database queries